Rijswijkse vrouwen krijgen relatief veel kinderen

dinsdag, 16 juni 2026 (11:25) - Rijswijks Dagblad

In dit artikel:

CBS-cijfers laten zien dat vrouwen in Rijswijk gemiddeld 1,62 kinderen krijgen, een relatief hoog niveau vergeleken met veel andere stedelijke gemeenten in Nederland. In de afgelopen tien jaar is dat gemiddelde in Rijswijk echter met ongeveer 12% gedaald, in lijn met de landelijke trend van teruglopende geboortecijfers.

De daling heeft meerdere oorzaken: woningtekorten, stijgende kosten van levensonderhoud, onzekere arbeidsmarkt en veranderende levenskeuzes, zoals later ouderschap of bewust kleinere of geen gezinnen. Deze factoren spelen in heel Nederland een rol en ook Rijswijk ontsnapt er niet aan.

Voor Rijswijk werken demografische en ruimtelijke kenmerken nog wel in het voordeel van jonge gezinnen. De gunstige ligging tussen Den Haag, Delft en Rotterdam, het aanbod van scholen en voorzieningen en nieuwbouwwijken zoals RijswijkBuiten trekken veel jonge huishoudens aan, wat het aandeel inwoners in de gezinsleeftijd vergroot.

Toch blijft het geboortecijfer onder het niveau dat nodig is om bevolking op eigen kracht te behouden: de vervangingswaarde ligt rond 2,1 kinderen per vrouw, en Rijswijk zit daar met 1,62 duidelijk onder. Daardoor is de gemeentelijke groei steeds meer afhankelijk van binnenlandse en buitenlandse migratie.

Voor de toekomst wordt verwacht dat de daling van het aantal geboorten zich zal voortzetten. Dat heeft gevolgen voor beleid en voorzieningen: scholen, kinderopvang en woningcorporaties moeten blijven inspelen op aanhoudende vraag vanuit jonge gezinnen, terwijl tegelijk maatregelen nodig zijn voor een vergrijzende bevolking.

Kortom: Rijswijk blijft relatief aantrekkelijk voor jonge gezinnen en kent daardoor nog een hoger kindertal dan veel vergelijkbare gemeenten, maar volgt tegelijkertijd de nationale neiging naar minder geboorten en staat voor de dubbele opgave van gezinsvoorzieningen en vergrijzingsbeleid.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside Oranje: René van der Gijp tegen Steijn: ‘Ik heb nog nóóit een medespeler gehad die een trainer serieus nam’